Olympisch Schaatsdobbelen – voor groep 1 t/m 8
Van 6 tot en met 22 februari vinden de Olympische Winterspelen van Milaan plaats.
Met ons schaatsdobbelspel breng je de Spelen je klas in en oefen je spelenderwijs met tellen en rekenen. Spelvariant 1 en 2 zijn geschikt voor groep 1 t/m 3. Spelvariant 3 kun je aanpassen aan het rekenniveau van je leerlingen, waardoor je er in groep 3 t/m 8 mee aan de slag kunt.
De pdf met de spelborden en spelregels vind je hier: Spelborden en spelregels
Klaar voor de start? Af! Veel speelplezier!
Spelvariant 1 – Wij gaan voor goud!
- Groep: 1–3
- Aantal spelers: 2–4
- Doel: als eerste op of voorbij de finish komen
- Materialen:
- Een (gelamineerde) print van Spelbord 1 (op A3-formaat; eventueel A4)
- Een dobbelsteen met stippen of cijfersymbolen (1 t/m 6)
- Pionnen (schaatsers) in verschillende kleuren
- Eventueel medailles
Het spel:
- Zet de pionnen (schaatsers) op het startvak.
- Gooi om de beurt met de dobbelsteen. Ga evenveel vakjes vooruit als het aantal ogen dat je gegooid hebt.
- Kom je op:
- Vakje 2? Dan heb je een valse start! Ga terug naar start.
- Vakje 4, 14 of 24? Dan mag je nog een keer gooien.
- Vakje 6, 16 of 26? Ga dan nog 2 plaatsen vooruit.
- Vakje 10, 20 of 30? Ga dan 2 plaatsen achteruit.
- Kom je als eerste op of over de finish? Dan win jij de gouden medaille! De andere spelers kunnen eventueel nog doorschaatsen voor zilver en brons.
Spelvariant 2 – Fiche, fiche, finish
- Groep: 1–3
- Aantal spelers: 2–4
- Doel: zo veel mogelijk fiches van één kleur verzamelen (inhoudelijk doel: aantallen vergelijken)
- Materialen:
- Een (gelamineerde) print van Spelbord 2 (op A3-formaat, eventueel A4)
- Dobbelsteen met stippen (1 t/m 6)
- Pionnen (schaatsers) in de kleuren rood, geel, blauw en groen
- Fiches in de kleuren rood, geel, blauw en groen ( transparante fiches 20mm )
Het spel:
- Zet de pionnen (schaatsers) op het startvak.
- Gooi om de beurt met de dobbelsteen. Ga evenveel vakjes vooruit als het aantal ogen dat je gegooid hebt.
- Pak een fiche met de kleur van het getal waarop je terecht bent gekomen. Is het getal zwart? Dan pak je geen fiche.
- Zijn alle spelers gefinisht? Tel dan hoeveel fiches je hebt verzameld. Van welke kleur heb je het meest, van welke het minst? Wie heeft de meeste rode fiches? En wie de meeste gele, blauwe en groene?
Variant:
- Elke keer als een speler gegooid heeft, gaat het fiche dat mag worden gepakt naar de speler die met de pion in die kleur speelt. (Bij 2 of 3 spelers worden geen fiches gepakt van kleuren die niet worden gebruikt.)
- Als alle spelers zijn gefinisht, tellen ze hun fiches. De speler met de meeste fiches is de winnaar.
Spelvariant 3 – De snelste tijd
- Groep: 3–8 (afhankelijk van de gekozen ‘schaatsafstand’; zie hieronder)
- Aantal spelers: 2–4
- Doel: met zo min mogelijk seconden (punten) over de finish komen
- Materialen:
- Per speler een print van Spelbord 3 (maak eventueel gebruik van beschrijfbare sheets: beschrijfbare sheets A4 )
- Eén of twee dobbelstenen (zie de uitleg per schaatsafstand)
- Pennen/potloden en eventueel kladpapier
Het spel:
Gooi om de beurt met de dobbelsteen. Noteer het aantal ogen of het getal dat je hebt gegooid in het eerste lege vak. Tel na je tweede worp het gegooide aantal ogen of getal op bij je eerste worp en schrijf de uitkomst in het tweede vak. Reken zo steeds verder, totdat alle spelers bij de finish zijn.
In het vak voor de finish staat de optelsom van al je beurten: jouw eindtijd. Wie heeft het laagste aantal seconden (punten)? Die heeft het snelst geschaatst en is de winnaar!
|
Schaatsafstand |
Rekendoel |
Dobbelstenen |
|
500 meter |
optellingen |
dobbelsteen met stippen 1 t/m 6 |
|
1000 meter |
optellingen met tientaloverschrijding |
dobbelsteen 5 t/m 10, 7 t/m 12, 1 t/m 10 of 0 t/m 9 |
|
1500 meter |
grote optellingen |
twee dobbelstenen, bijv. 1 t/m 10. Tel de gegooide getallen eerst bij elkaar op, en tel de uitkomst dan op bij de vorige worp. |
|
3000 meter |
grote optellingen |
twee dobbelstenen 1 t/m 20. Tel de gegooide getallen eerst bij elkaar op, en tel de uitkomst dan op bij de vorige worp. |
|
5000 meter |
vermenigvuldigingen tot 10/12 |
twee dobbelstenen (5 t/m 10, 7 t/m 12, 1 t/m 10 of 0 t/m 9). Vermenigvuldig de gegooide getallen eerst met elkaar, en tel de uitkomst dan op bij de vorige worp. |
|
10.000 meter |
grote vermenigvuldigingen |
twee dobbelstenen 1 t/m 20. Vermenigvuldig de gegooide getallen eerst met elkaar, en tel de uitkomst dan op bij de vorige worp. |
Er zijn nog meer spelvarianten mogelijk bij gebruik van andere dobbelstenen (bijvoorbeeld met tientallen en/of honderdtallen). Alle genoemde dobbelstenen zijn hier te vinden: https://www.wizz-spel.nl/product-categorie/dobbelstenen/?page=1